Tips voor onderweg

Spaken,

Neem een paar, te lange, spaken mee waarvan je het kopje hebt afgeknipt en een hoekje hebt gebogen, om ook aan de cassette-kant een noodspaak te kunnen zetten. Niet vergeten deze spaken bij terugkomst te (laten)vervangen door exact de goede.

Banden

Zorg voor een reserve binnenband (om snel te kunnen vervangen) en een reparatieset (om de lekke band later, in alle rust, te kunnen repareren)

Een reparatievloeistof werkt vaak ook, maar lang niet altijd. De troep die je er láter van krijgt is echt irritant.

Boutjes en moertjes

Een paar M5 en M6 (inbus)boutjes en moertjes  nemen geen plaats in, maar kunnen veel ergernis verhelpen. Soms trilt er gewoon iets los.

Kabelbinders (tiewraps) en rolletje tape

Hiervoor geldt hetzelfde als de boutjes en moertjes, je kunt er veel mee repareren

Pat

Heb je een derailleurfiets, dan heb je ook een derailleurpat, de verbinding tussen derailleur en frame. Deze is uniek en de kans om ergens anders de juiste te vinden is 1 : 100 !  Een kromme of gebroken pat betekent 100% niet meer kunnen schakelen. Dus neem er een mee.

(Binnen)Kabels en kettingschakel

Versnellings- en remkabels nemen weinig plaats in, dus altijd meenemen

Remblokken

Deze zijn altijd op als je er niet op verdacht bent, ze nemen geen extra ruimte in, dus ook meenemen.

Multitool

Voor de fiets zijn er handige multi-tools waarmee je de meeste dingen aan de fiets kunt demonteren en monteren. Heb je een fiets met ketting, neem dan een multitool met een kettingpons. ( zie ook kettingschakel).

Pomp of CO2-patronen

Een CO2 ventiel met patronen is het gemakkelijkst en snelst, maar het inschatten van het aantal mee te nemen patronen is moeilijk. Een goede pomp doet het gewoon altijd, een SKS injex control is onze favoriet